De omgeving van Charleston is erg mooi. De Ashley-delta is nogal zompig en moerassig, met een aparte vegetatie. Daar zijn we gisteren wel doorheen gescheurd, maar we hebben niet tot aan de enkels in de drab gestaan. Verder is er een aantal plantages in de omgeving van Charleston, die ook het bezoeken waard zijn. We kozen er voor om dat laatste te doen. Van drie plantages die op een rij liggen, Drayton Hall, the Magnolia Plantation en Middleton Place, namen we de laatste. De familie Middleton heeft een prominente rol gespeeld in de politiek ten tijde van de vorming van the Union, wat uiteindelijk is uitgegroeid wat we kennen als de VS, maar ook in de periode daarna. Het waren een stel rijke stinkers, die hun geld verdienden met het verbouwen van rijst, katoen en indigo, en toen de slaven waren vertrokken, werd er fosfaat gevonden, dus rinkelde de kassa ook weer.
Toch was het niet alleen maar feesten en partijen voor deze familie. Tijdens de burgeroorlog heeft men in alle haast het vege lijf moeten redden en is het woningencomplex grotendeels door brand verwoest. de huizen zijn aangestoken met een groot deel van de 10.000 boeken die in de bibliotheek stonden. Aardbevingen en andere natuurrampen hebben er vervolgens voor gezorgd dat de muren die nog stonden het laatste zetje kregen en tegen de vlakte gingen.
Men is nog wel terug geweest, heeft wat herbouwd, maar het landgoed en de plantages werden uiteindelijk verlaten, totdat een erfgenaam een en ander geërfd heeft, aan het begin van de 20e eeuw. Deze meneer heette J.J. Pringle Smith - moet wel een chipsboer zijn met zo'n naam.
Samen met zijn vrouw heeft hij de zaak weer opgelapt, en we moeten zeggen, het resultaat mag er wezen! Tot 1974 heeft de familie er gewoond, en sindsdien is de plantage in handen van een stichting die het geheel beheert en rondleidingen geeft. Dit was even in het kort - er valt veel meer over te vertellen.
Het huis wat weer opnieuw was opgebouwd was wel aardig, maar niet te vergelijken met wat er gestaan moet hebben. Toch leuk om te zien hoe een en ander was ingericht. De verhalen over de familie en vroeger dagen spraken erg tot de verbeelding. De plantage (nu het landgoed) zijn niet alleen enorm groot, maar ook werkelijk prachtig: eiken van meer dan 200 jaar oud en meters in omvang, vijvers met alligators, gekko's, zilverreigers, achthoekige tuinen, beelden, patio's... erg mooi aangelegd, en toch heel natuurlijk aandoend.
We hadden hier nog wel meer tijd door kunnen brengen, maar we moesten ook nog naar Savannah (in de staat Georgia), en wilden daar ook nog wel even rondkijken. De rit naar Savannah was geen makkelijke - erg druk op de weg, veel secundaire wegen en ook nu liet de beschrijving van Kuoni ons in de steek.
Eenmaal in het Hilton hotel zijn we vrijwel direct weer vertrokken, naar het historische centrum van Savannah. Het is ook weer een apart stadje.... het plan van de stad is ontworpen door ene Oglethorpe, met vele pleinen die indringers moesten afschrikken. Deze structuur heeft de tand des tijds doorstaan en deze pleintjes houden nu het midden tussen een rotonde en een parkje. Apart.
Verder is er veel vermaak en vertier (voedsel en bier) aan de River Street. Erg gezellig. We zullen ook nu een en ander gemist hebben, maar er zitten maar 24 uren in een dag....
De titel van dit verhaal refereert aan een liedje van Ray Charles. We hadden vandaag zonder na te denken met vijf muziektips van de dag kunnen komen. Ook hier gaat het weer om keuzes maken.
Muziektip van dag: the Charlie Daniels Band - the Devil Went Down to Georgia
Geen opmerkingen:
Een reactie posten